Blogs

informatieprofessionals (5)

Jaarlijks looft het Victorine van Schaickfonds | KNVI de Victorine van Schaick Prijzen uit. De prijzen zijn bedoeld om publicaties en vernieuwing in het informatievak te stimuleren.

Je maakt kans op een van deze prijzen als je recent een bijdrage hebt geleverd aan de innovatie van het informatievak in de ruimste zin van het woord. Dat kan een artikel, presentatie, website, blog of andere publicatie zijn, maar ook een bijzonder en vernieuwend initiatief. Je bent erin geslaagd aan het vak van informatieprofessional nieuwe vorm, betekenis of inhoud te geven. En dan gaat het niet alleen om academische maar juist ook om tastbare, misschien wel alledaagse resultaten. Een studie naar de rol van de informatieprofessional in 2040, het ontwikkelen van een app voor optimale kennisuitwisseling, of bijvoorbeeld ontwikkelingen rondom open access, linked (open) data, sociale media en innovaties voor specifieke doelgroepen zoals kinderen, leesgehandicapten of ouderen.

Zie om een indruk te krijgen ook bijgaand filmpje met de prijswinnaars van vorig jaar: https://www.youtube.com/watch?v=uTkQqCtLjos

Drie prijzen

Er zijn drie prijzen beschikbaar:

  • de Victorine van Schaick Prijs (€ 2000,- en de Victorine van Schaick Penning)
  • de BibliotheekInitiatiefPrijs (€ 1500,-)
  • de Scriptieprijs (€ 1000,-).

Inzendingen en inlichtingen

De jury nodigt iedereen uit om vernieuwende initiatieven of publicaties in te zenden vóór 15 september 2014. De jury wordt gevormd door het bestuur van het Victorine van Schaickfonds | KNVI.

Je inzending moet wel na 31 december 2012 geschreven of ontwikkeld zijn. Voor bachelor scripties, master theses of proefschriften geldt dat deze na 31 december 2012 verdedigd moeten zijn.

De bijdragen kunnen in digitale vorm en/of via een link, voorzien van een kort cv van auteur of maker gemaild worden naar Martina.Borghmans@kb.nl. Ook voor nadere inlichtingen over de prijzen kun je op dit emailadres terecht.

Martina Borghmans
Coördinator Victorine van Schaickfonds | KNVI


Over het Victorine van Schaick Fonds | KNVI

Het Fonds werd in 1977 opgericht ter herinnering aan Victorine van Schaick (1917-1976). Zij was vanaf 1941 werkzaam in verschillende bibliotheken, waaronder de Bibliotheek van het Koninklijk Huisarchief en de Openbare Bibliotheek Amsterdam. In 1972 volgde haar aanstelling aan de bibliotheekopleiding te Den Haag, de toenmalige Dr. P.A. Tiele Academie, waar ze als docent vele studenten enthousiast maakte voor een loopbaan in het bibliotheek- en informatievak. Na haar overlijden stelde de familie een bedrag uit de nalatenschap beschikbaar om het vak te blijven stimuleren, en zo de herinnering aan Victorine levend te houden. Sinds 2005 werkt het Victorine van Schaick Fonds nauw samen met de KNVI, de Nederlandse beroepsvereniging voor professionals in het informatievak, om zo de zichtbaarheid binnen en buiten de bibliotheek- en informatiewereld te vergroten, de band met de beroepsbeoefenaars nauwer aan te halen en het delen en verspreiden van professionele kennis te bevorderen.


Bestuur Victorine van Schaick Fonds | KNVI

Het bestuur van het Fonds bestaat uit: dhr. prof.dr. F.J.M. Huysmans (voorzitter), mw. mr. M.M. Kok (secretaris), dhr. dr. P.J. Moree (penningmeester), dhr. M. Deckers, mw. A.C.M. Dirkx, mw. W.J. van der Kwaak, dhr. M.G. Wesseling, mw. H. Winters MBA.

Foto editie 2012: Website KNVI.

Read more…

"Het is moeilijk voor te stellen dat social media nog maar zo kort bestaat. In dat vacuüm was Politie 2.0 een mooi initiatief. De houdbaarheid van dit forum is echter door de laatste ontwikkelingen, zoals Twitter, Facebook en Politie+, verstreken."

Ik vind het een interessant citaat van Ruud Elderhorst op Politie 2.0, dat hij plaatste in het kader van de overname van het platform. Het is een uitspraak die je vaker tegenkomt. Iets in de geest van 'omdat reacties en dialogen nu vaak worden gegeven/gestart op verschillende sociale platformen zijn websites minder relevant of misschien zelfs overbodig'.

Misschien heeft Ruud wel gelijk. De grote piek van interactie op websites lag voor mijn gevoel ook ergens tussen 2007 en 2011. Ook toen ging het weliswaar om relatief kleine groepen die per branche of thema met elkaar in discussie gingen, maar er gebeurde wél van alles, continu. Tot zover kan ik meegaan in de stelling.

Maar Facebook en Twitter beschouwen als 'laatste ontwikkelingen'? Dat vind ik eigenaardig. Ook die platformen bestaan al langer dan 7 jaar. Het klopt wel dat steeds meer mensen zich beperken tot (inter-) actie daar, maar ook dat is niet meer te vergelijken met de periode van rond 2009. Wellicht zijn er nu meer organisaties die het gebruiken maar er zijn beslist minder dialogen, reacties en retweets waar te nemen. Er wordt nog volop kennis gedeeld, maar wel op een andere manier dan voorheen. Het is allemaal nog korter en sneller dan toen. Discussies komen alleen nog op gang als het mensen echt raakt en als het platform laagdrempelig genoeg is.

Ik kijk nog steeds dagelijks rond op al die platformen, van LinkedIn tot Facebook, en overal zie ik hetzelfde gebeuren. Dat wat gedeeld wordt is vooral het eigen werk, en dan nog op een bijna plichtmatige manier. Bijna in de vorm van maand- of jaarverslagen. Een enkeling -vaak uit 'de harde kern'- reageert of bedankt nog eens. Daar blijft het meestal wel bij. Een andere ontwikkeling is dat een groot deel van wat nog wél besproken wordt, wordt besproken achter gesloten deuren, slotjes, afgebakende groepjes. Het lijkt alsof het een reactie van de meerderheid is op die ellendige openheid van de minderheid van een paar jaar geleden. Die minderheid is ondertussen grotendeels een andere weg ingeslagen. Aan de slag met eigen projecten, lokale thema's of geheel iets anders. Ze zijn misschien wel gesprekken aangegaan met andere mensen, maar anders dan toen. Minder zichtbaar en hoorbaar vooral. 

Nu kun je zoiets constateren en je er gewoon bij neerleggen, maar mijn gevoel zegt me toch dat er meer aan de hand is dan informatiemoeheid en een korte aandachtsspanne alleen. Het voelt ook alsof er sprake is van een vakinhoudelijke gelatenheid, soms zelfs van apathie. De roep om een gevoel van urgentie heeft misschien wel te lang geduurd. De belofte van online samenwerking is nooit ingelost op organisatieniveau. Uiteindelijk maakte dat misschien wel meer mensen murw dan we zouden willen. Ik spreek nu alleen over de status quo online, laat ik dat voorop stellen. Maar het klopt toch wel een beetje? We kunnen toch niet zeggen dat er buitengewoon veel informatieprofessionals zijn die los gaan op het web? De hoogtijdagen liggen toch inderdaad achter ons?

Of kijk ik niet goed?

Read more…

Van de pagina van de KNVI:

Op 14 november vindt het jaarlijkse KNVI congres plaats in Nieuwegein. Alle informatie op de speciale site www.knvi.info.

Dit jaar zeven parallelle tracks, een wervelende beursvloer en een spetterende plenaire afsluiting.Voor het eerst: Appy Hour, een ‘unconference’ waar we elkaar informeren over de laatste apps die onze professie versterken en leuker maken. Doe hier mee met Appy Hour!

Ook: Talent Plaza, een plein waar je je breed kan oriënteren op het ontwikkelen van je professionele talenten.

Tot 27 september profiteren KNVI leden van de early bird korting en betalen € 75,- (daarna € 95,-). Niet KNVI leden betalen € 225,-. Voor studenten en werkzoekenden geldt een speciaal tarief van € 22,50.

Je kunt je hier aanmelden.

 

Hoera! Ook dit jaar is Swets weer onze hoofdsponsor

 

Read more…
Mensen die een uurtje kennis willen maken met ander mensen, kennis willen delen en zin hebben in een lekker bakje koffie. De verbindende factor is dat je waarde wilt genereren door kennis te delen; mensen te inspireren en verbindingen te leggen.”Al een tijdje ben ik betrokken bij het organiseren van Open Koffies voor de netwerksite Ambtenaar 2.0. Naast veel plezier merk ik dat een Open Koffie bijeenkomst ook veel nieuwe contacten oplevert en dat is prettig in een hoe langer hoe meer digitaler wordende wereld. Direct contact dat ontstaat ten gevolge van eerdere digitale contacten. Naar mijn idee een ideale combinatie. Het blijkt prettig te zijn om nieuwe mensen te ontmoeten die je eigenlijk al een beetje kent, doordat er al digitaal contact is geweest. Het praten over allerlei zaken en het maken van afspraken voor verdere samenwerking en informatie-uitwisseling gaat dan toch een stukje gemakkelijker. Dit bracht mij ertoe om na te denken of in relatie tot de bibliotheekwereld een Open Koffie ook iets kan zijn om de contacten tussen informatieprofessionals en hun klanten weer te verstevigen en uit te breiden nu balies en bibliotheken verdwijnen en budgetten krimpen.Wat is nu zo’n Open Koffie?De Open Koffiebeweging is ontstaan in de VS in eerste instantie als een informele ontmoetingsplek met koffie tussen ondernemers, investeerders en ontwikkelaars in de ICT. Inmiddels heeft het idee zich als een olievlek over de wereld uitgebreid en zijn er in veel hoofdsteden, maandelijks, Open Koffies. In Nederland zijn er inmiddels in verschillende steden Open Koffie-bijeenkomsten. Daarnaast zie je dat organisaties en bedrijven ook koffieuurtjes gaan organiseren. Een voorbeeld daarvan is de al eerder genoemde Open Koffie Ambtenaar 2.0 waar ambtenaren, burgers en bedrijven eens in de 14 dagen op maandagochtend in een informele sfeer koffie met elkaar drinken.Doelen van de Open Koffie Ambtenaar 2.0 zijn: kennis- en informatie-uitwisseling over alles wat ambtenaren bezighoudt, maar ook hoe zij samen kunnen werken met behulp van moderne internettechnieken (o.a. bloggen, het gezamenlijk schrijven aan een wiki, het onderhouden van kennisnetwerken, enz.). Meestal is een spreker aanwezig die vertelt hoe hij of zij kennisdeling en samenwerking in het werk heeft gerealiseerd.MeerwaardeDe ervaring leert dat je hiermee een sterk netwerk en breed draagvlak kunt creëren en dat bracht mij op de gedachte dat het organiseren van Open Koffies binnen de bibliotheekwereld ook een instrument kan zijn om (nieuwe) groepen bij elkaar te brengen dat vervolgens resulteert in kennisdeling en samenwerking. De Openbare bibliotheken organiseren al veel voor hun klanten, maar een fenomeen zoals een Open Koffie kent men, naar mijn weten, nog niet. Een digitaal netwerk samen met lezers en verwante bedrijven opzetten en elkaar geregeld tijdens een koffieuurtje ook ontmoeten. Het idee gaat ook uit van gelijke partners: bibliotheekmedewerkers, lezers en bijv. boekhandels vormen samen één netwerk, waarbij ieder gelijke inbreng heeft en men vooral van elkaar wil leren.Wat is er voor nodig?-- Éen initiatiefnemer, bijv. de bibliotheek- Een locatie intern of extern, bijv. de bibliotheek stelt de locatie, koffie en cake beschikbaar of men spreekt ergens in een koffiebar af- Wat frequentie en tijd betreft worden gezamenlijk afspraken over gemaakt. Bijv. 1x per maand tijdens de lunch of 2x per maand op de maandagochtend, enz.- Een van de partners zorgt voor een digitaal platform voor communicatie, informatie en discussie. Het beheer wordt zoveel mogelijk gezamenlijk gedaan. Dit kan bijv. een apart ning.com-platform zijn als dit van Bibliotheek 2.0 of misschien een groep van dit netwerk.- Alle drie de partners zorgen voor sprekers. Met elkaar worden afspraken gemaakt over de onderwerpen. Er wordt max. zo’n 20 minuten iets verteld; de rest van de tijd is voor discussie en netwerken.- Wat levert het op: heel veel contacten, goodwill en nieuwe ideeën en ook samenwerking en verbinding op bepaalde diensten of producten. Ook andere bibliotheektypen bijv. speciale bibliotheken, zeg maar de bedrijfsbibliotheken, kunnen baat hebben met het intern organiseren van een Open BedrijfsKoffie. Op die manier kunnen je vaste klanten nog meer aan je binden en nieuwe klanten aantrekken.LinksVoor meer informatie over het organiseren van een Open Koffie zie:- Open Koffie Ambtenaar 2.0- LinkedIn, Groep Open Koffie Ambtenaar 2.0 = Open Coffee Civil Servant 2.0- Open Koffie Leeuwarden Het citaat hierboven is van Jeltine Zijlstra, organisator Open Koffie Leeuwarden.- Open Koffie Nederland
Read more…

GO opleidingen

Nedap Librix