Blogs

bibliofuture (13)

WWW september 2016: Gegevens nodig, maar welke?

Artikel 11 van de Stelselwet is zeer summier over de vraag welke gegevens er voor de “gezamenlijke catalogus” (lid 1) en “beleidsontwikkeling” (lid 2) verzameld moeten worden. Welke gegevens er nodig en zinvol zijn, hangt natuurlijk sterk af van wat bibliotheken eigenlijk willen bereiken en welke gegevens daarbij behulpzaam kunnen zijn. Bij het gebruiken en interpreteren van gegevens, in de hoop dat ze juist zijn, is het vaak ook nog oppassen geblazen, niet alleen bij provinciale subsidie. Bekend is al jarenlang dat huisvestingskosten sterk kunnen verschillen en dus een vertekend beeld geven bij het vergelijken van gemeentelijke subsidies. Ook geven overheden soms andere cijfers op dan de instellingen zelf, omdat overheden in hun begrotingsposten ook interne kosten (ambtenaren, overhead) kunnen toekennen aan de post “bibliotheekwerk”. Die daarmee dan niet hetzelfde is als wat de bibliotheek in handen krijgt.

Ook een vraag is hoe openbaar en makkelijk toegankelijk de gegevens worden. Mijn ervaring is dat laag gesubsidieerde bibliotheken minder bezwaren hadden tegen publicatie dan hoog gesubsidieerde, want tja, in het laatste geval kan de gemeente denken dat er wel wat af kan. Ik zie in gemeentelijke en provinciale stukken nog regelmatig staan dat het “hier” vergeleken met soortgelijke bibliotheken of POI’en wel wat minder kan. Maar ja, het is zoals ik een wethouder eens hoorde zeggen: er zijn vier soorten bibliotheken: 1. Kost veel, biedt veel (niet verkeerd, maar kan beter), 2. Kost weinig, biedt weinig (een keus die je als gemeente kunt maken), 3. Kost veel, biedt weinig (moet je vanaf) en 4. Kost weinig, biedt veel (de ideale bibliotheek). Mooi overzichtelijk. Het zal nog wel even duren voor ik met hulp van het openbare datawarehouse de Nederlandse bibliotheken aldus kan indelen.

Meer hierover en over andere onderwerpen in de WWW van september 2016

Read more…

De vraagt blijft wat er zal gebeuren met de huidige stroming binnen de bibliotheek als ze meer van dergelijke vragen uit de samenleving krijgen. Schiet men dan weer in het alledaagse bibliotheekmodel?  Komt men dan weer op de proppen met een concept dat geen antwoord op de vraag is?  Neemt men dan weer een rapport zonder echte toekomstvisie als vertrekpunt? (Dit blog verscheen eerder op Bibliofuture.nl)

De huidige bibliotheekstroming is er een van praatgroepen, raden en nog steeds prestige. Niet van samen doen of specialiseren maar van alles aanpakken. Meteen ook het manco van de nieuwe bibliotheek wet.  Bibliotheken moeten kijken naar de kracht binnen de lokale samenleving. Vanuit daar anticiperen op vragen.  Niet voortborduren op dat wat was of toch wel?

Als mensen denken over de toekomst neemt men altijd de eigen leef- en denkwereld als uitgangspunt. Trends van nu vertalen we gemakshalve maar even door naar later. Dat in het later de gehele samenleving er totaal anders uit kan zien neemt men niet mee in de vergezichten.  Het is ook moeilijk voor bibliotheekmensen om hier uit te geraken. Jaren lang draaide alles om het uitlenen van boeken. Dat is ook te zien aan de bibliotheekpopulatie.

Vroeger
Tot midden jaren negentig draaide het helemaal niet alleen om het uitlenen van boeken. Ik zie nog de vele knipselmappen hangen in het beeld van mijn oude bibliotheek.  Verschillende onderwerpen werden uitgediept door middel van kranten- en tijdschriftknipsels en kaartjes met doorverwijzingen naar de juiste literatuur. Vele werkstukken zijn ontstaan met behulp van deze mappen en bibliothecarissen. De bibliotheek faciliteerde ooit al eerder zoektochten naar antwoorden op vragen. Door de opkomst van internet, en met name Google is men deze zoektochten gaan vergeten te faciliteren.  De bibliotheek was Google maar dan beter.
En nu, zou de bibliotheek het betere alternatief voor  Google kunnen zijn. Immers Google is een commercieel bedrijf, moet geld verdienen en zal andere keuzes maken dan een niet commerciële instelling die geen last heeft van aandeelhouders met een honger naar meer geld.

Alleen zit het denken in boeken als boeken menig bibliotheek in de weg. Boeken zijn het product geworden om uit te melken. Het is tijd kopen omdat men niet op tijd uit het raam heeft gekeken. De boot heeft gemist.
En de oplossing is juist dat men uit het raam gaat kijken. Gaat voelen wat er leeft in de samenleving rond de bibliotheek.

Maatwerk
En het antwoord op de vraag uit de samenleving zal niet altijd zijn dat succes verhalen uit andere landen of steden klakkeloos gekopieerd kunnen worden.  Leuk al die reisjes naar het buitenland. Om concepten op te snorren die daar werken en goed passen bij de Nederlandse prestige machine. Maar in het nieuwe lokale bibliotheekwerk past  beter een eigen signatuur en samenwerking met bibliotheken die het al begrepen hebben.

Vreemd genoeg kunnen we leren van vroeger. Toen onze voorgangers (of oudere collega’s) mappen samenstelde met informatie over diverse onderwerpen.  Het enige wat deze tijd van ons verwacht is dat we het niet meer op eigen houtje doen maar actief gaan zoeken naar vragen uit de samenleving om dossiers samen te stellen over onderwerpen waar mensen op zitten te wachten.

Read more…

Renk van Oyen is creative concepter en experience designer en werkt via zijn bureau La Clappeye Acts voor de creatieve industrie en bedrijfsleven. Dit blog is eerder verschenen op bibliofuture.nl

The need to know. Kennis is goed, kennis is macht, kennis is leuk en interessant en noodzakelijk voor een mooi en rijk leven. Dat is een fijne manier van de bibliotheek bij het publiek te brengen. Net als elke andere professionele organisatie, tracht ook de bibliotheek haar publiek te bereiken. Bibliotheekgebouwen worden tweede huiskamers, coffeecorners schenken goede espresso en een lounge-gedeelte is bestemd voor de openbare lezer. Alle middelen worden van stal gehaald om de bibliotheek als organisatie op een verantwoorde manier de 21e-eeuw in te loodsen.

Bibli-leaks?

Met wisselend succes, dat is duidelijk. Bepaalde zaken moeten centraal worden aangepakt en danken hun succes aan een landelijke aanpak. De achterliggende concepten zijn niet altijd even handig aangepakt. Echter, is de lokaliteit meestal aangewezen op soms ronduit knullige één-tweetjes met andere organisaties en concepten die de speciaal ingerichte thematische leestafel bij de balie van weleer, nauwelijks overtreffen. De wil is er absoluut wel. Waar je 10 jaar geleden wilde samenwerken met de bibliotheek, was het hoogst haalbare, een speciaal ingerichte tafel met boeken over een bepaald thema, verbonden aan het desbetreffende project. Meer was eigenlijk niet mogelijk. Tegenwoordig zijn bibliotheken organisaties met programmamanagers en projectleiders. Mensen die in mijn ervaring absoluut open staan voor “rare” samenwerkingsverbanden met andere organisaties, en als bedrijf ook midden in de lokale samenleving staan.

 The right to know

Grofweg is de bibliotheek terecht bezig met “the need to know”. Kennis en informatie is noodzakelijk. Zie de openingszin van deze blog. Maar dat is één boodschap, waar het publiek al heel snel klaar mee is. Het suggereert een vrijblijvendheid die te vergelijken is met de illusie van beschikbaarheid op internet. Uit onderzoek is bekend dat, wanneer studenten weten dat bepaalde informatie is opgeslagen op een website, zij die informatie minder goed onthouden. Als de website in kwestie vervolgens niet meer tot hun e-biotoop behoort (buiten hun referentiekader vallen), vervalt ook een deel van de informatie. De context is weggevallen en de informatiebehoefte is vervaagd. Informatiebehoefte en kennis zijn 2 verschillende dingen, die beiden bevredigd moeten worden. Kennis ervaart men daarbij als iets statisch. Informatiebehoefte heeft een grotere noodzaak in zich, dan kennis heeft. Al met al ben ik van mening dat niet “the need to know” maar “the right to know” een beter uitgangspunt is voor doeltreffende concepting.

The right to know past binnen de tijdsgeest van nu. Het leunt tegen open source en open data / open gouvernment, maar het kan minder vrijblijvend gemaakt worden, door er een licht subversieve lading aan te geven. Wat doet Wikileaks en Anonymus? Ze suggereren dat ons belangrijke informatie werd onthouden, dat er zaken buiten ons blikveld gebeuren die het daglicht niet kunnen verdragen. Men wacht het goede moment af (actualiteit) en publiceert gevoelige documenten, waarmee gevoelige informatie vrij komt. In afgezwakte vorm, is dit waar ik heen wil.

 Bibli-leaks: Subversief, tegendraads, onderzoekend

Voor het gemak noemen we het even “Bibli-leaks”. Lokale onderwerpen met een hoog actualiteitsgehalte- en waar het liefst ook nog een scherp randje aan zit – door lokale partijen met duidelijke signatuur, tot op de bodem laten uitzoeken. Volledig gefaciliteerd door de lokale bibliotheek, in ruimte, middelen, know-how en publiciteit. In het geval van ‘s-Hertogenbosch denk ik dan aan de lokale kraakscène, Kleintje Muurkrant, een opleiding, jongerenorganisatie of kunstencollectief. Het eindproduct zijn zowel offline als online producten, transmediaal geregisseerd. Offline als kleine sympathieke mooi vormgegeven dossiers, bundeltjes, Boomerang kaarten en gedrukte media, als redactionele artikelen, níet als reclame.

 Lokale right to know als media-concept

Ik had het hierboven al over een trans-mediale aanpak. Dit houdt niet alleen in dat je verschillende sociale media-kanalen gebruikt, maar dat je elk kanaal (er zijn er overigens meer dan alleen de sociale media) inzet naar de eigenschappen van kanaal en gebruik en daarmee verschillende manieren van storytelling gebruikt. Het verhaal staat centraal, niet zozeer de brontekst! In transmediale storytelling, vertaal je delen van een verhaal naar verschillende mediakanalen, die elk weer een eigen ervaring van het verhaal met zich meebrengen. Elk kanaal geeft weer een andere immersieve (onderdompelende) ervaring aan de ontvanger ervan.

Het narratieve gedeelte hou je centraal op een aparte centrale projectsite en je laat andere media andere delen van hetzelfde verhaal vertellen. Een mediaconcept met spelers, gebruikers, protagonisten, antagonisten, lezers en kijkers, waarbij de inbreng van het publiek nodig is voor het vertellen van het verhaal. Laten we zeggen dat de Bibli-leaks deel 1 gaat over mogelijk asbest gebruik in openbare gebouwen. Dit start met actualiteit, want we hebben het over een media-concept waarbij actualiteit en lokale context de 2 belangrijkste factoren zijn. Je laat bijvoorbeeld krakers een artikel in de krant schrijven over duurzaam bouwen, 2 scholieren maken een reis naar de steengroeve waar de materialen voor de winkelstraat vandaan komen- uitgebreid met foto’s en documenten gelardeerd op een aparte blog, een capoeiradanser interviewt zijn vriend op youtube, over de dodelijke ziekte van zijn vader, veroorzaakt door asbest. De verschillende bijdragen zijn dus verhalen op zich en geen bewerkingen van een en hetzelfde verhaal of dezelfde brontekst. Alles bij elkaar vormt zich een geloofwaardige verhalenwereld.

Samenvattend valt voor de bibliotheek veel te winnen bij het zichzelf een blijvende urgentie te geven binnen de lokaliteit, door te suggereren dat publiek “het recht heeft” informatie te krijgen in plaats van de noodzaak voelen kennis tot zich te nemen. Bibli-leaks zoals ik hierboven kort omschrijf, is een vorm die helemaal bij deze tijd past.

Ik nodig de bibliotheek graag uit om dit met mij (en La Clappeye Acts) verder uit te werken.

Renk van Oyen is creative concepter en experience designer en werkt via zijn bureau La Clappeye Acts voor de creatieve industrie en bedrijfsleven.

Www.la-clappeye.nl

acts@la-clappeye.nl

Volg hem op Twitter: www.twitter.com/la_clappeye

Lees zijn blog “Betekent luidruchtig” via www.blog.la-clappeye.nl

 

Read more…

Bibliode aan Leidschenveen van Marina Polderman

Een regenachtige namiddag in januari, op familiebezoek aan de Zuid-Hollandse kust. Mijn zus en ik brengen een bezoekje aan het prachtige Prinsenhof in Delft. Na afloop besluiten we de mooie historische sferen te verlaten en een trip te maken door “het nieuwe Nederland”, langs de volgebouwde (stads)wijken van Ypenburg en Nootdorp. Een zoektocht naar schoonheid in plaatsen die je juist niet met schoonheid associeert.

We passeren Leidschenveen en opeens roept m’n zus: “heee, een bieb!!!” En mijn primaire reactie: op de rem! De bibliotheek in Leidschenveen, hoe zou het daar nou uitzien van binnen.

Lees verder op Bibliofuture.nl  

Read more…

Bron:www.bibliofuture.nl
Bibliotheek Arnhem gaat geld vragen voor het reserveren van boeken. Veel gereserveerde boeken worden niet opgehaald in bibliotheek Arnhem en blijven dus veel te lang in de kast staan. Waardoor andere mensen niet de kans krijgen het boek te lezen. (Bron bericht: http://www.gelderlander.nl)

Bij veel bibliotheken is het reserveren van boeken een succes. Een enkele klant haalt het gereserveerde boek niet op. Maar doorgaans gaat dit om een klein percentage.

In het retail verhaal zou het reserveren van boeken naar de achtergrond verdwijnen. Een bezoeker van de bieb zou geen of niet veel boeken moeten reserveren maar juist geprikkeld worden om met een ander boek (en of boeken) de bibliotheek te verlaten. Geboeid door een betoog van de bibliotheekmedewerker die een bezoeker overtuigd om voor een ander boek in het genre te kiezen, en daardoor andere delen van de collectie aan de bezoeker (klant) kan laten zien. Het aantal klanten die toch kiezen voor het reserveren van boeken zou op deze manier terug lopen. En vanuit deze visie zou je dus ook aan die kleinere groep gebruikers een bedrag kunnen vragen voor het reserveren van boeken.

Is geld vragen voor het reserveren van boeken zo slecht? Een klein rondje op Twitter geeft aan dat een grote groep er niet voor warm loopt. Het zou de bezoekers juist nog meer weg jagen. De klant is koning roepen veel mensen, maar is dat wel zo?

Hoe meer drempels hoe minder uitleningen, dus geen geld vragen. En het geeft dynamiek in de collectie.

Maar is geld vragen voor een dienst als het reserveren echt zo slecht? Het zou een welkome nieuwe inkomstenbron kunnen betekenen. Geld dat in tijden van bezuinigingen hard nodig is.

Voor het vervoeren van de geserveerde boeken rijden allemaal bestelauto´s op en neer, slecht voor het milieu, onkosten aan het onderhouden van het wagenpark kost ook geld!

Angst voor het vragen van geld, en de reacties van de bezoekers spelen natuurlijk ook mee. Van de andere kant  heeft de bezoeker de mogelijkheid veel beter te kijken naar wat hij/zij gaat lenen en of het een zinnige lening is.

Er zijn natuurlijk ook nieuwe vormen van abonnementen te bedenken waar opties tot reserveren in verwerkt zijn. Een duurder abonnement waarbij het reserveren nog wel gratis is kan een voorbeeld zijn.

Kortom waarom niet overgaan tot het invoeren van betaald reserveren? De discussie staat open.

Read more…
Dit is een gastblog van Jeltje Zijlstra, Bibliofiel en bezoeker van de bibliotheek.


De toekomst van het boek en daarmee de toekomst van de bibliotheek ligt al een behoorlijke periode onder vuur. Early-adopters preken het eind van het boek door de komst van e-readers en tablets. De digitale publicatie is de toekomst. Zegt men. Maar zelf behoor ik tot de liefhebbers. Ik ben een bibliofiel die altijd (maar dan ook echt altijd) een boek bij zich heeft. Maar in de loop der tijd is er wel iets veranderd. Niet elk boek dat ik lees hoef ik nog in mijn kast te hebben. Er wordt veel uitgegeven dat leuk is om te lezen, maar dat ik niet per se binnen handbereik wil hebben. Ik heb het dan vooral over de 'pop'. Over het algemeen valt die categorie voor mij samen met de Ako-top 10, of de nominaties voor de NS-publieksprijs. Enkele uitzonderingen daargelaten, uiteraard.
Ik vond de uitvinding van de Dwarsligger dan ook fantastisch. Maar met de aanschaf van deze boekjes groeide mijn kast nog steeds. De bibliotheek bood geen soelaas; de gebonden boeken & harde kaften zijn mij te lijvig om op mijn dagelijkse reis in mijn tas te steken.

Lees verder
Read more…
Deze week is het gastblog van Irma van Zanten-van Houts, Blogger en informatiespecialist Studiecentra HAN.

Hoe ziet de toekomst van bibliotheken eruit?

Ik heb geen glazen bol en ik kan niet in de toekomst kijken, maar het is duidelijk dat bibliotheken in een overgangsfase zitten. Dat geldt voor een heleboel sectoren, zoals de bankwereld of de journalistieke sector. In deze hybride situatie, van papier naar digitaal, is het voor bibliotheken soms knap lastig. Maar is zoeken en vinden niet de ‘core business’ van bibliotheken?


Lees verder
Read more…

Om te kunnen weten hoe de toekomst van de bibliotheek eruit ziet zal je eerst naar het punt moeten kijken waar we nu zijn. Het verschilt nog al per bibliotheek wat digitaal en op de oude manier gaat. Ook digitaal kan je in 2 categorieën opsplitsen.

1 wat kan er digitaal

2 wat we doen digitaal

De eerste categorie vergt nogal veel uitleg. Wat kan er digitaal en welke problemen kom ik hierbij tegen. Wat zijn mijn kansen/mogelijkheden op het digitale vlak. Kansen die overwogen moeten genomen worden. Tijdrovend of niet? En wat heeft onze bibliotheekbezoeker hier aan.

De bibliotheekbezoeker is aan het veranderen ze zijn niet meer zoals vroeger. Boek lenen bij de balie en een praatje maken het is niet meer van deze tijd denkt men. Alles moet snel, sneller, snelst. Daarvoor is er in de bibliotheek tegenwoordig op veel plekken in het uitleensysteem al rekening mee gehouden. Je legt je boeken op een plaat en piep alles staat op je scherm nog even je pas scannen en klaar is kees. Bij sommige zelfs al in het inneemsysteem. Allemaal leuk en aardig maar nu toch even terug naar vroeger.

Lees verder 

Read more…

(Dat) doet de bibliotheek

Dat doet de bibliotheek, dat doet de deur dicht. De VOB gaat met het actieplan Dat doet de bibliotheek, de in slecht weer verkerende openbare bibliotheek ondersteunen. Ik slaak een zucht.

Het bedenken van een slogan is ook een kunst. Natuurlijk is dat te vervangen door een keur van andere woorden. Bibliotheken doen namelijk erg veel. Vooral in overleven zijn we tegenwoordig erg goed. Overleven dat doet de bibliotheek gelukkig.

Lees heel het blog opBibliofuture.nl 

Read more…

#BiblioFuture de verwerking en verder....

Naast Zwolle lees ik nu ook dat het goed gaat in Almere met de bibliotheek. Het winkelconcept slaat aan. Hoewel ik geen voorstander ben van het winkelconcept (dat mag duidelijk zijn na het lezen van de rest van mijn blogs) ben ik heel blij met de positieve berichten over de verschillende bibliotheek vestigingen. Maar voor we ons op de borst gaan kloppen, zijn we nog steeds bezig met de oude wereld, het gaat nog steeds over de uitleenfrequentie van boeken.

Een select groepje heeft in de aanloop naar de zomer mee gedaan aan de blogkermis BiblioFuture. Een blog schrijven over de bibliotheek in 2021. Over het algemeen zitten de deelnemers bijna allemaal op een lijn. De bibliotheek als kennis- en ontmoetingscentrum, geen winkeltje spelen maar inspireren, niet zelf het wiel willen uitvinden maar samenwerken met andere organisaties.
Nieuwe technieken en het verhaal voorop stellen. En of dit nog onder de naam van Bibliotheek zou moeten is om het even.

Ron Wessels en Pieter Offermans heb ik in levende lijven mogen ontmoeten. In Utrecht hebben we samen gepraat over de toekomst van de openbare bibliotheek. Uit dat gesprek kwam dat we alle drie op een lijn zaten. De bibliotheek is te veel aan het kijken naar achter haalde concepten en zou veel meer moeten doen met seats2meet achtige omgevingen, met als grote troef het denken vanuit een eigen collectie (digitaal en of fysiek).

Vorig jaar was Fransisco van Jole uitgenodigd om een praatje te houden bij de bibliotheek 2e daagse te Maastricht. In zijn visie bestaat de bibliotheek in de nabije toekomst niet meer, boeken hebben hun langste tijd gehad en wat moet je dan nog met een bibliotheek. Daarbij komt het dat steeds meer mensen zelf informatie kunnen vinden. Ik heb het geloof dat alle aanwezige bij zijn voordracht broccoli in hun oren hebben gehad.

Lees heel het verhaal op deinformatiemakelaar.nl

Read more…
Zomaar een regenachtige zaterdag in juni. Ergens in een boekhandel sta ik te kijken hoe een plens bui zich naar beneden stort. Omringd door mensen die langs boeken struinen waan ik mij even in een bibliotheek. Echter het rinkelen van een kassa brengt mij terug in de realiteit. Nog even en de bibliotheek lijkt op een boekhandel. We gaan retailen.

Leden/ Bezoeker/ Klant/ Vrienden


Het begint al met het aanspreken van de mensen die binnen komen bij de bibliotheek. Zijn het leden, bezoekers en of klanten. In het retail verhaal zijn het meer klanten geworden en zou de klant koning moeten zijn, maar is dat wel zo?

De oudere mensen voelen zich nog vaak lid van de bibliotheek. Ze zijn meestal al jaren lid en vinden dat de leden inspraak moeten hebben. Hooguit via een klanten panel gebeurt dit nog mondjes maat. Ja, er zijn bibliotheken die bij de leden te raden gaan over de bezuinigingen.
In het Vlaamse Brugge ben je lid van de bibliotheek, maar wil je iets extra´s naast het lidmaatschap van de bibliotheek dan kun je vrienden worden met de bieb. Vrienden hebben een streepje voor op de normale leden.

Bezoekers kunnen ook zwervers zijn die komen schuilen voor de regen. Het verdwaalde oudje dat om een sociaal praatje verlegen is. Of mensen die toevallig even binnen komen lopen (voor een kopje koffie).

Retail

Anno 2011 is de bibliotheek zich zelf opnieuw aan het uitvinden. Terug naar de basis. Het boek als antwoord op de wereld die steeds meer digitaal gaat worden. Winkeltje spelen. Doen we het volgens het Haren (Groningen) en of het Overijssels model? Of van beiden een beetje.
Alles hangt samen met het geld van de gemeenten.
Ik geloof er niet echt in zoals u weet. Voor de korte termijn zal het werken, maar op lange termijn als de wereld nog meer digitaler zal zijn, hebben we de plank al lang mis geslagen.
Maar ik snap het wel, in het kader van de uitleen frequentie die hard achteruit holt is het nodig iets te doen. Bij de pilots is te zien dat die frequentie weer bijtrekt als men gaat vernieuwen, dus richting een retail inrichting gaat. En dan is het de bedoeling te blijven vernieuwen, maar dat kan alleen als je ook de middelen hebt.

Lees verder
(deinformatiemakelaar.nl)


Read more…

GO opleidingen

Nedap Librix